De urgentie

De urgentie

De urgentie om de huidige bestuurlijke samenwerking in Zuid-Limburg grondig aan te pakken is evident. Niet alleen bestaan er een ongehoord aantal samenwerkingsrelaties, waardoor effectief bestuur nog nauwelijks voorstelbaar is, ook het aantal maatschappelijke vraagstukken dat in samenwerkingsverband wordt opgepakt neemt toe en daarmee ontstaat een verschuiving van gemeenten naar vormen van verlengd lokaal bestuur.

Hieronder een aantal rapporten die de urgentie onderschrijven. Maar serieuze oplossingen leveren ze niet op. Zo blijft een mooie toekomst nog ver weg.

Landelijk onderzoek naar effectiviteit en legitimiteit 

Ook landelijk wordt gekeken naar de effectiviteit en democratische legitimiteit van bestuurlijke samenwerking. De Tweede Kamer heeft een motie - ingediend door Kamerlid Renske Leijten - unaniem aangenomen. Die motie stelt dat:

  • de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen veel te wensen overlaat,
  • het ontstaan van een extra bestuurslaag van gemeentelijke regelingen leidt tot een dubbel
    democratisch tekort,
  • de effectiviteit, legitimiteit en doelmatigheid van regionaal samenwerken niet onderzocht is,

en roept de regering op om wetenschappelijk onderzoek te laten doen naar de effectiviteit, legitimiteit en doelmatigheid van regionale regelingen.

Stichting Decentraalbestuur.nl heeft het onderzoek verricht.

De samenvattende conclusies luiden als volgt:

  • Uit het beschikbare onderzoek blijkt zonneklaar dat veel raadsleden onvoldoende grip op regionale samenwerking ervaren. Wat raadsleden precies hindert in hun taakvervulling, en of zij hun kaderstellende en controlerende taak daardoor daadwerkelijk minder goed kunnen uitvoeren, is niet goed duidelijk.
  • Gemeenteraden en -raadsleden gebruiken niet alle instrumenten en middelen die hen ter beschikking staan bij de kaderstelling en controle op regionale samenwerking. Gebrek aan tijd en ondersteuning speelt hierbij een rol, maar er is meer aan de hand. Volgens een (groot) deel van de literatuur is de geringe betrokkenheid van raadsleden de kern van het probleem, en ook het handvat voor de oplossing.
  • Er is geen overeenstemming in de verzamelde literatuur over de vraag wat het probleem van de democratische legitimiteit precies inhoudt en wat de oorzaken zijn.
  • Dat regionale samenwerking onvermijdelijk gepaard gaat met minder of gebrekkige democratische legitimiteit op het niveau van de gemeenteraden staat in feite niet ter discussie. Het is de consequentie van de keuze voor verlengd lokaal bestuur. De vraag is vooral of dit als een (groot) probleem moet worden beschouwd.
  • Het organiseren van een rechtstreekse regionale democratische legitimiteit van samenwerkingsverbanden – zoals in de Drechtraad is beproefd - is volgens velen niet wenselijk, en leidt in de praktijk nogal eens tot afstemmingsproblemen met de lokale democratie.
  • Op basis van het beschikbare onderzoek is het niet mogelijk om algemene uitspraken te doen over de effectiviteit en doelmatigheid van regionale samenwerking, en vaak ook niet als het gaat om specifieke samenwerkingsverbanden. Er zijn weinig objectieve onderzoeksgegevens beschikbaar, en het is ook niet gemakkelijk om te onderzoeken.
  • Over de relatie tussen de effectiviteit en de democratische legitimiteit van regionale samenwerking tasten we in feite in het duister.
  • Stapeling van losse samenwerkingsverbanden in een regio zou niet goed zijn voor de integraliteit van bestuur, maar empirisch onderzoek dat deze verwachting kan onderbouwen hebben we niet aangetroffen.
  • Invloed of betrokkenheid van burgers bij regionale samenwerking is een witte vlek in het verzamelde onderzoek. Dat burgers er in de praktijk zelden aan te pas komen, durven we wel te stellen.

Onderzoek naar Bestuurlijk Regionale Ecosystemen (BRE)


Daarnaast onderzoekt de Universiteit Groningen en het organisatieadviesbureau Berenschot de zogeheten Bestuurlijk Regionale Ecosystemen (BRE); dat zijn netwerken van bestuurlijke samenwerkingsverbanden in een regio. Er wordt een grondige analyse gemaakt van tien regio's in Nederland om te komen tot aanbevelingen hoe regio's slagvaardiger en effectiever kunnen worden.

De BRE's zijn in de afbeelding hiernaast gevisualiseerd. Opvallend is de rood-paarse kleur van Zuid-Limburg.

Alle aanleiding om Zuid-Limburg aan een analyse te onderwerpen.

Reactie van drie burgemeesters

Artikel Dagblad De Limburger van 12 juli 2022


De burgemeesters Penn (Maastricht), Ramaekers (Gulpen-Wittem) en Dassen (Kerkrade) waren onder de indruk van het hierboven getoonde plaatje, waarin Zuid-Limburg eruit springt als regio met de meeste bestuurlijke samenwerkingsverbanden. 

Zij begrepen heel goed dat de tijd van woorden nu voorbij is en dat het gaat om daden.


Onderzoek naar de BRE van Zuid-Limburg


Het Eindrapport BRE Zuid-Limburg stelt vast dat de regionale opgaven urgent zijn, dat het op dit moment niet lukt om voldoende publieke waarde te realiseren en dat de focus teveel ligt op het gemeentelijke belang en autonomie.

Voorgesteld wordt om meer gelijkwaardigheid na te streven tussen de centrumgemeenten en de kleinere gemeenten, te werken aan onderling vertrouwen, het belang van de regionale samenwerking te benadrukken  en de betrokkenheid van gemeenteraden te vergroten.

Daarnaast moet gewerkt worden aan een regionale strategie met prioritaire thema's.

Bovenal moet het aantal samenwerkingsverbanden worden teruggebracht en de vrijblijvendheid om samen te werken moet door middel van scherpe afspraken worden geëlimineerd.

In een raadsinformatiebrief van 31 mei 2023 wordt aangekondigd dat op politiek-bestuurlijk en ambtelijk niveau een bijeenkomst gaat worden georganiseerd.